| Circuit/afdeling | Preventie |
| Inhoud | Piep zei de muis is ontwikkeld voor kinderen van 4-8 jaar, die extra steun nodig hebben omdat ze thuis of in hun directe omgeving veel meemaken op het gebied van stress en spanningen. Dit kan bijvoorbeeld doordat een ouder ernstig ziek is of depressief, door een scheiding, ruzie, geweld, een ernstig ziek broertje of zusje of het overlijden van iemand. Piep zei de muis is een kinderclub, waar kinderen het leuk kunnen hebben met elkaar, herkenning kunnen vinden in elkaars verhalen en leren hoe ze met lastige situaties kunnen omgaan. Dit gebeurt op een speelse manier, met behulp van een handpop, verhalen, toneel en knutselen. |
| Klant/doelgroep | Kinderen van 4-8 jaar, wonend in Amersfoort, waarvan ouder(s) spanningsklachten/ psychische problemen en/of verslavingsproblemen hebben die langer dan een half jaar duren. |
| Indicatie | - Kinderen uit de doelgroep (zie boven), - Ouders moeten instemmen met de aanmelding voor de club, - Er kunnen meerdere kinderen uit één gezin gelijktijdig deelnemen, mits ze in dezelfde leeftijdsgroep vallen. |
| Contra-indicatie | Ernstige psychische problematiek bij het kind zelf. |
| Doelstelling | - Zelfvertrouwen en positief zelfbeeld versterken bij het kind, - Kennis opdoen om de thuissituatie beter te begrijpen, - Vaardigheden leren om beter met de thuissituatie om te gaan door kind en ouders, - Eigen netwerk ontwikkelen door kind en ouders, - Ondersteuning op maat voor ouders in de ouderrol. |
| Beoogde effecten | Uit een eerste evaluatieonderzoek is naar voren gekomen dat de klachten die kinderen laten zien, zoals gedragsproblemen, problemen met het uiten van emoties en het omgaan met andere kinderen, op korte termijn afnemen. |
| Zorgfunctie | Preventie. |
| Vorm/werkwijze | Piep zei de muis is een kinderclub die uit 15 bijeenkomsten bestaat. Elke bijeenkomst vertelt Piep de muis, een handpop, wat hij allemaal heeft meegemaakt en nodigt de kinderen uit om samen met hem voor allerlei dingen een oplossing te gaan zoeken. Zo praten Piep en de kinderen over verschillende emoties, als boos zijn, verdrietig zijn en bang zijn, maar ook over trots zijn op jezelf en wie er belangrijk zijn voor de kinderen. Naast de gesprekjes met Piep, maken de kinderen een eigen schatkist, waarvoor ze elke week iets knutselen dat met het thema te maken heeft en wat hen kan helpen. Zo maken ze bijvoorbeeld een bang-boekje om te leren wat je kunt doen als je bang bent. Verder wordt er veel gewerkt met verhalen en toneel. Voor de ouders zijn er 4 bijeenkomsten waarin uitleg gegeven wordt over de club en over opvoeding. Een gezinsbegeleidster kan bovendien steun op maat geven voor ouders. Aan het eind van de club zijn er voor ouders korte eindgesprekken hoe het met de kinderen is gegaan. |
| Frequentie/duur | De kinderclub duurt 15 weken en start twee keer per jaar, namelijk in januari en in september. Tijdens de periode dat de kinderclub draait, zijn er ook 4 bijeenkomsten voor ouders en individuele eindgesprekken. De bijeenkomsten vinden plaats na schooltijd en duren 1,5 uur. |
| Evaluatiewijze | De ouders vullen een schriftelijke evaluatie in over de gedragsveranderingen bij hun kind. De effecten op langere termijn worden onderzocht door het Trimbos Instituut en ZonMW. |
| Max. aantal deelnemers | Er kunnen maximaal 10 à 11 kinderen aan de groep deelnemen. |
| Kosten | Geen. |
| Partners/ samenwerking |
Stichting Welzijn Amersfoort (uitvoerende instelling), GGD Eemland en het Trimbos Instituut. |
U kunt hier de folder van dit zorgproduct downloaden.
printversie